Vijf types in de auto, de nacht die als een uitgehongerde kat over de motorkap kruipt.
De lege weg strekt zich onverschillig voor ons uit, en de banden fluisteren geheimen tegen het asfalt. Het leer kraakt, de aarde wacht op haar moment. Een bocht, slecht genomen – te snel, te laat, het maakt niet uit. De stilte daalt neer, zwaar als een kater na een bodemloze nacht. Dan de klap, hard, frontaal, onherroepelijk.
01.12 uur. Alles explodeert. Het leer scheurt, de aarde dringt zich op, het glas vliegt in minuscule scherven uiteen, net als de dromen die je ’s ochtends vertrapt. Het lawaai vult de auto, de angst sijpelt overal doorheen, tot in de plooien van de kleren, in de keel, in de handen. Geen waarom, geen hoe, alleen maar angst, naakt, zonder uitleg. Daarna, niets meer. De stilte, zwaar, vijf levens in de wacht, de wereld op zijn kop, letterlijk. Ik zit vast in het schroot, kortademig, mijn hoofd tolt. Eén vraag blijft maar rondspoken: is het voorbij?
01.13 uur. Ergens gaat een deur open, de mijne, die van iemand anders – wat maakt het uit? De nacht hult alles in stilte, zonder iets te zeggen, als een oude medeplichtige. De weg gaat verder, ik ook. Dat is alles wat er overblijft, en dat is al niet slecht.
Rabarber, jeneverbes, geplooid metaal, mirre, styrax, leer, gaiac-hout, Virginia-ceder, Siberische den
Camille Chemardin
Alcohol denat., Parfum (fragrance), Tetramethyl acetyloctahydronaphthalenes, Aqua (water), Juniperus virginiana oil, Benzyl benzoate, Beta-caryophyllene, Camphor, Eugenol, Isoeugenol, Limonene, Linalool, Pinene, Terpineol, Terpinolene.